Elementaire veiligheidsregels voor motorrijders

1. Gebruik een geschikte motorfiets en aangepaste uitrusting

Kies een motorfiets in overeenstemming met uw ervaring. Controleer of hij in orde is (remmen, bandenspanning, oliepeil) en draag aangepaste motorkledij.

2. Zien en gezien worden

Kies een uitrusting of helm met opvallende kleuren of met reflecterende stroken.

Hou in de buurt van auto’s en vooral vrachtwagens rekening met de dode hoek van de achteruitkijkspiegels. Blijf niet te lang op dezelfde plaats, naast of achter een ander voertuig.

Maak oogcontact met de andere weggebruikers, in hun achteruitkijkspiegel, om zeker te zijn dat ze u gezien hebben.

Gebruik uw richtingaanwijzers om uw bedoelingen kenbaar te maken.

Om een betere kijk op het verkeer te krijgen en om u door de automobilisten te doen opmerken, rijdt u links van de denkbeeldige middenlijn op uw rijstrook. Dat is ook zo officieel voorzien in de wegcode.

3. Hou de veiligheidsafstand in acht

Hou afstand om tijdig op eventueel gevaar te kunnen anticiperen.

Bij 90 km/u hebt u bij droog weer 85 m nodig om helemaal tot stilstand te komen, reactietijd inbegrepen. Bij regenweer is de remsafstand uiteraard langer.

Hou afstand tot geparkeerde auto’s. Laat indien mogelijk de breedte van een deur vrij. Ideaal is 1,50 m.

4. Anticiperen

Hou de weg en de omgeving voor u zo goed mogelijk in het oog zodat u op eventuele gevaren kunt anticiperen en afremmen (rotondes, bochten, zebrapaden, verkeerslichten, oneffenheden in het wegdek, enz.).

In een noodsituatie richt u uw ogen op de plek waar u naar toe wilt, en niet op de hindernis. Ons brein werkt immers zo dat we de richting uitgaan waarin we kijken. Dat heet kijktechniek.

Let op het voertuig achter u (heeft het voldoende tijd en ruimte om te remmen?).

Let op voetgangers, in de buurt van een zebrapad, en op de andere weggebruikers. Wegens het acceleratievermogen van een motorfiets, kunnen ze verrast worden door de snelheid waarmee u nadert. Door de geringe omvang van gemotoriseerde tweewielers worden ze vaak moeilijk opgemerkt door andere weggebruikers. Besef dat de helft van de ongevallen veroorzaakt worden door automobilisten die onvoldoende uitkijken voor motorrijders.

5. Blijf voorzichtig in de files

Pas uw snelheid aan wanneer u een traag rijdende file voorbijsteekt. Let erop dat het snelheidsverschil tussen u en de file auto’s niet meer dan 20 km/u bedraagt. Neem uw plaats in de file weer in, zodra het verkeer weer vlot verloopt (vanaf 50km/u).

Vergeet niet dat sommige automobilisten de neiging hebben om plots van rijstrook te wisselen als er een plaatsje vrij komt. Nog te vaak zijn automobilisten afgeleid achter het stuur: gsm, krant lezen, enzovoort. Wees op uw hoede!

Vooral in de zomer moet u opletten voor deuren die eensklaps geopend worden wanneer auto’s in de file stilstaan.

6. Ga alleen maar de weg op als u zich goed voelt

Een tweewieler besturen vergt meer fysieke kracht en concentratie dan een auto. Rij niet wanneer u vermoeid bent, wanneer u onder invloed van alcohol of drugs bent, of wanneer u medicijnen genomen hebt die slaperigheid kunnen veroorzaken.

7. Pas uw snelheid aan

Pas altijd uw snelheid aan zodat u bij een onverwacht obstakel kunt reageren zonder u zelf in gevaar te brengen.

Pas bij slecht weer uw snelheid aan. Regen vermindert het zicht en de grip. De wind kan u van uw traject doen afwijken. En mist beperkt niet alleen uw zicht, maar verhindert ook dat u gezien wordt.

8. Beheers de remtechniek

Zoek het goede evenwicht tussen de voorrem (de doeltreffendste) en de achterrem (vertragen en stabiliseren).

Ideaal gesproken remt u alleen maar wanneer de motor recht is. Vertraag voor u een bocht aansnijdt en rem niet meer tijdens het nemen van de bocht.

Kijk ver voor u tijdens het remmen.

9. Beperk de risico’s wanneer u in groep rijdt

U mag uw beperkingen niet overschrijden om de groep te volgen. Moedig ook geen minder ervaren motorrijder aan om dat te doen.

Vorm kleine groepjes van vijf.

Respecteer de veiligheidsafstand.

Waarschuw uw collega’s voor eventuele gevaren.

10. Aandacht voor uw lading

Een passagier of bagage? Het gewicht en het volume veranderen het rijgedrag van uw motorfiets: het zwaartepunt is veranderd, de remwegen zijn langer, u bent gevoeliger voor windstoten.

Verminder uw snelheid en hou nog meer afstand. Hou het stuur steviger vast en kies voor een veiliger traject. Controleer de bandenspanning en regel, indien mogelijk, de ophanging.

  • neco
  • polaris
  • beta-motorcycles
  • yamaha
  • royal-enfield
  • harley-davidson
  • tgb
  • kawasaki
  • suzuki
  • triumph
  • boom-trikes
  • ligier
  • mbk
  • lml
  • bmw
  • honda
  • brixton
  • cfmoto
  • skyteam
  • turbho
  • sym
  • can-am
  • indian
  • victory
  • husqvarna
  • tomos
  • aprilia
  • cagiva
  • guzzi
  • gilera
  • derbi
  • razzo
  • ksr-moto
  • peugeot
  • vespa
  • zero
  • ducati
  • piaggio
  • mash